De moraal van moraal, kunst, mode, geld, propaganda, etc

Over de loze oorsprong van mode, kunst, religie, propaganda, de canon, geld, recht en moraal.

“Door de stilte en de eenzaamheid beleefde ik het vuur en de zelfverzonnen mystiek als zuiver en echt, zoals dat gaat wanneer onze gedachten het vacuüm van de radicale overtuiging bereiken.” T. Wieringa.

Intro. Mode, moraal, kunst, religie, geld, recht, een canon, propaganda, politiek, dat allemaal draagt onmiskenbaar bij aan ons mens- en mensheid-zijn doordat telkens verbinding zowel als onderscheid teweeg wordt gebracht. Er ontstaat reliëf in het menselijk domein. Maar niemand heeft de wijsheid in pacht. Goeroes en hun godheden hebben zichzelf verzonnen. Nader beschouwd blijkt zelfs oprechtheid onvermijdelijk weinig meer te zijn dan de uitwerking van welbegrepen eigenbelang en dat is goed genoeg nu het gebod tot naastenliefde volgens mij niet tot opofferen oproept maar benadrukt dat goed zijn voor de ander in de eerste plaats voor jouzelf het allerbeste is. Naastenliefde is daarmee een regelrecht eigen belang en niet een moraalgerelateerde oproep tot altruïsme zoals de gangbare uitleg luidt. We worden pas mens in relatie tot de anderen en daar kunnen we zelf veel aan doen. Eén mens is geen mens. Wat anders had die Jezus, een veel geciteerde moraalridder, kunnen bedoelen toen hij de tien geboden samen vatte ? En ook, nee zèlfs schuld is relatief. Menora’s, khamsa’s, tingsha’s, swastika’s, tesla’s, picasso’s, tattoo’s, harley’s, euro’s, karma’s, chakra’s, oscars, de stropdas, de hadj, onze driekleur, de Taj Mahal, Versailles, de Kumbh Mela, het hoort allemaal op zijn best thuis in de Efteling. Van mij mág het allemaal maar dan graag met een knipoog. Ons bestaan is nogal wat platter dan wijzelf lijken te willen en die wil of hoop is weer de oorsprong van de zelfgesponnen waarheid die wij als objectief menen waar te nemen. Ik brabbel daar in een ander schrijfsel over (Lagerweij-trits).

En ik zie geen verschil tussen mode (fashion), kunst, moraal, recht, religie en zelfs geld als het gaat om de ankers, de grondslagen waaruit daar voor-schriften en waarden voortkomen. Predicaties binnen die disciplines beginnen telkens als inhoudsloos ‘gefluister in het duister’, hoe graag of zelfs verbeten ook veel mensen menen dat zich daar hoogwaardiger bronnen manifesteren. Zoals een Nederlandse schrijver en velen met haar uit het niets betogen dat er hoge en lage kunst is. Shakespearre zou wel raad met hen weten. Helaas voor hen is er niets groters, goddelijkers, diepers of oorspronkelijkers aan te roepen dan het beredderen van het eigen hachje. Zieners zoals priesters, voorgangers, modekoningen, wettenmakers, kunstenaars, goeroe’s, sjamanen, kruidendokters ze staren allemaal in hetzelfde niets, putten allen uit dezelfde leegte ondanks alle steunbewijs van relikwieën, relieken, vertellingen, totempalen, getuigenissen, openbaringen, prijsuitreikingen, leerstoelen, imposante gebouwen voor de bijbehorende instituten en zo voort. Het is niet meer dan propaganda. De verdienste van preken, spreuken en voorschriften binnen de genoemde disciplines is op zijn best selffullfilling zoals het placebo-effect de werking van medicijnen daadwerkelijk ondersteunt en daarmee en passant de homeopathie haar belangrijkste reden van bestaan geeft. Dat gefluister verschaft een leuke opmaat voor onze waarneming maar laat toch duidelijk zijn dat het telkens om trucjes gaat, middelen die door niets anders dan het doel worden geheiligd hoewel juist de toegedichte ‘heilige’, hoogwaardige oorsprong gezag verleent. Hun verenigende werking is wat deze middelen legitimeert maar hun inhoud is loos. Het lijkt op vergulden of de nieuwe kleren van de keizer cq ieder van ons.

Er is niets zonder oorzaak maar veel zonder reden. Wen er maar aan. De mens intussen klampt zich krampachtig vast aan aarding, aan een verklarende verbinding met de wereld, het heelal desnoods, om ons heen, een reden van bestaan. We hebben weinig meer dan “Darwin” en de rest is gissen. Er is geen heilige graal anders dan in ons verlangen zoals de wiskunde zich binnen onze waarneming afspeelt en niet in het ons omgevende. In de grond van de zaak slaat ons bestaan nergens op en dat kun je naar believen als een bevrijding of als ontgoocheling ondergaan. In “pleidooi voor een roes” sta ik daar bij stil.

Moraal. Zélfs moraal met in het kielzog religie heeft niet meer dan een facilitaire, ordenende funktie en wordt “domweg” bijgesteld als de uitkomst niet langer voldoet net als in mode, kunstopvattingen en rechtsregels (een revolutie die slaagt, wettig), etc. Moraal is ook echo of oerknal van cultuurverschillen. Het gaat ook hier om een discipline tot overleving door het bevorderen van rust, ordening, vrede. En relativiteit is troef. Gelet op de menselijke aard zijn dat geen vanzelfsprekendheden want kinderlijk als we zijn, hebben we graag dat iets móet. Van god of sinterklaas, de sjamaan, de dokter, who-ever, maar ‘your guess is as good as mine’. Het doel van moraal is daarmee weinig anders dan dat van verdovende middelen, bouwstenen voor een passende waan. Moraal is niet vòòr- of bóven- maar binnenmenselijk net zo min als religie waar zonneklaar is dat de mens zijn God naar zijn evenbeeld heeft geschapen en niet andersom. Gelukkig ook verschijnen we rond het eind van het leven niet voor het aangezicht van een god maar ten hoogste voor onszelf. Dat lijkt me ook al genoeg “opdracht”. En wees eerlijk, vrienden zijn toch vooral mensen die elkaar naar de mond praten met hun ‘moraal’ als vriendenlijm die weer uit naastenliefde ofwel eigen belang wordt gewonnen. Wat moet je zeggen als een innige vriend zijn diepste mening, kunstwerk, gedicht of wat ook voor houdt en je rilt ervan ? Eerlijkheid is dan in niemands belang. Een woordenspel moet dan redding brengen en taal leent zich daar wonderlijk goed voor.

En altijd zijn er éérst mensen en dán pas wetten ook al voelt dit in het dagelijks leven anders aan als gevolg van de includerende werking van voor ieder geldende schriftelijk vastgelegde regels waardoor vrijwel niemand volledig zijn zin krijgt. Democratische bureaucratie kan ten hoogste de narigheid zo redelijk mogelijk verdelen in ruil voor vrede en de rest moeten we zelf doen. Maar zwaarder dan aan verkeersregels moet er aan moraal en die andere fenomenen niet getild worden. Zolang er voor ieder maar voldoende ruimte blijft. Als op een dansvloer of in de lift. Het steekt allemaal niet dieper dan doodgewone beleefdheid. Het is als met de natuur; om te regeren moet je haar gehoorzamen, maar moraal is manmade en behoort net als religie tot de obsessie van machtzoekers en daar schuilt een gevaar. Zij willen maar al te graag voorschrijven en zoeken dan steun bij die ingebouwde politie-agent, het geweten. Dat levert hen de ideale burger op, namelijk degeen die zichzelf in bedwang houdt. Het bedwang van de voor-schriften van de machthebber.

“Moreel kompas” suggereert analogie met een mensonafhankelijke werking zoals bij aardmagnetisme maar bij moraal komt slechts het konijn uit de hoed dat we er zelf instopten zoals dat ook met de wiskunde gebeurt maar dat terzijde. Elders beschrijf ik dat als het samenkomen van onze projecties en waarneming en de ontwikkeling van onze wanen die we hard nodig hebben. Op liegen kom ik later nog terug. Het gaat hier om het praktische van een goede theorie. Als de moraal niet voldoet, is het een sta-in-de-weg en moet er aan gesleuteld worden net zo goed als aan wetten. Moraal moet de mens dienen en niet andersom. Moraal blijft voorts maar het best ongeschreven blijven omdat het dan, dankzij dat “duister”, fijn een aureool van metafysica en superioriteit kan behouden maar juist dát wil ik hier ontmaskeren. Moraal mag ongeschreven boven ons hooveren maar ik ontneem het de quasi-goddelijke aanzien. Het idee dat daar iets superieurs in huist, accepteer ik niet. Net zo min als in onze Rembrandts, Viktor en Rolf of Ai Weiwei of de tien geboden. De eerste was een opmerkelijke vakman en die modemannen en de kunstenaar weten het juiste midden te vinden tussen brutale waveriding en perceptiesturing en op de mozestruc kom ik verderop terug. Lange tijd was moraal ingebed in verhalen die door overlevering de ronde deden en tot gelding kwamen zoals de Canterbury Tales en de Bijbelse verhalen naast allerhande al dan niet belerende sprookjes en sages. Niks “gefluister in het duister”; ik doe het licht aan waarop het fluisteren verstomt. Hoop ik. De Middeleeuwen zijn leuk om over te lezen maar ik wil er niet naar terug. Mensen gooiden toen de pispot leeg op straat bijvoorbeeld.

En waarom niet stelen, bedriegen, moorden ? Omdat we zo prangend graag eerlijk zijn ? Een schoon geweten willen ? De klanken en connotatie daarvan (klanken kunnen ons raken, verenigen, onderscheiden los van de betekenis van woorden) zijn ons als behoorlijk bijgebracht, ons sensorium gaat ervan ‘in het gareel’, compassie met de wereld bloeit op net als door een volkslied op het juiste moment en verschaft sensoriaal welbevinden en steun aan onze groteske zelfcompassie. Het sluitstuk van betekenis, van wat ons zinnig lijkt, is altijd weer irrationeel; als het goed voelt, comfort schept, zal het wel goed zijn. We stoppen opeens met denken zodra in onze waarneming de tocht, de koude is verdwenen en we de nieuwste waan binnengaan als bij een thuiskomst. We kunnen plaatsnemen, vermoeid neervallen op de ligstoel van het eigen gelijk. De zelfbegoocheling is dan voltooid en hoe intelligenter de waarnemer hoe geraffineerder zijn ‘leugens. Tevredenheid is deels lichamelijk en onberedeneerd, want onberedeerbaar. Zoals fijne geur en smaak ‘luisteren naar het lijf’ betekent. “Oprecht zijn” klinkt fijn, laat de klokken luiden, maar wat is eerlijk, oprecht ? Een revolutie die slaagt, is wettig en ergens tussen de juiste darminhoud, een goede nachtrust en de ondervinding van respect slaken we de kreet die geluk aantoont, zomaar !  En hoe fijn is het als we dat met elkaar menen te voelen en te vieren zoals op de bijeenkomst van Titan, een goudencirkelspel waar ik ooit bij mocht zijn. Het was een praktikum “geraffineerde zelfbegoocheling” en de zaal werd lyrisch. Leven aan de hand van de waarheid, werkelijkheid ? Welnu, de waarheid zelf is niet eerlijk. We zoek het gareel niet om normen hoog te houden for the sake of it maar om niet strafbaar te zijn of nagewezen te worden. “Stelen hoort niet” en de kassière geef je het teveel aan wisselgeld terug, maar waarom precies ? Om intrinsiek goed te doen ? Om eerlijk te zijn ? Om elfje te worden ? Om goed te doen om het goed doen ? Omdat leugens en bedrog slecht zijn, slecht maken ? Wat is een slecht mens anders dan iemand die de groepscohesie miskent ? Dat is een spelbreker, maar daarmee nog geen duivel.

Keer op keer gaan we moeiteloos mee in een flow zoals een verslag van Nederlands ‘grijs verleden’ in WO II of Nederlands Indië al deed vermoeden. We zijn daarbij aangewezen op de informatie die ons wordt aangereikt en taal staat bol van de mogelijkheden om te framen, de beelden van het adressaat te vormen in de door te spreker, de verslaggever voorgestane zin. Wie taal niet beheerst, niet doorziet blijft reddeloos achter in deze framgame waar reclame en propaganda gereedschap voor machtsvorming aanreiken. Wie de mens en zijn moraal wil begrijpen kan niet om de alomtegenwoordigheid van communictietechniek heen. Een revolutie die slaagt, is wettig en geen mens wil levenslang deviant zijn, afgezien van gestoorden die geen enkele orde kennen of ambieren. Maar de werkelijkheid zelf doet niet aan goed of slecht. Deugdzaamheid is een instrumenteel begrip. Meer niet. De werkelijkheid duldt het niet om zedelijk bevraagd te worden en wie dat niettemin doet, loopt buiten-spel. Mogen de dieren elkaar niet meer opeten ? Mag het leger of de politie nooit meer doden ? De “waarheid” omwille van zichzelf willen spreken is in de waanval trappen. Er is geen verbeterde, extra edelmoedige zuiverheid als mens los van de bedoeling verbonden te zijn. “Eerlijk” en “waar” zijn verschillende lemma’s. Het is mensenwerk, door waar-nemen, waar-maken, voor waar houden. Zoals ook Mohammedanen en Christenen een hiernamaalse beloning nastreven doen zij dit door het hooghouden van regels for the sake of it. Zoals circusdieren door een hoepel springen en beloond worden, alles in regie van een Almachige Jongleur. Als het met een knipoog gebeurt, vind ik het best maar de massa neemt de teksten jammerlijk letterlijk. In een eigen bubble ofwel met een plaat voor de kop leeft men verbeten voort. Met het eigen gelijk als gesel voor anderen en uiteindelijk voor zichzelf. Hoe het leven al levend te verdienen, dan wel door het juiste sterven een eeuwigheid te mogen betreden ? Wat een gedoe !

Een andere verwante vraag is of taalgebruik zonder “liegen” mogelijk is. Als de waarheid zichzelf niet onontkoombare versie aanbiedt, wordt interpretatie noodzakelijk waarnaast wij als waar-nemers ieder voor zich nu eenmaal bijmengen door projectie vanuit onze perceptie, onze onvermijdelijke zelfrechtvaardigende vooringenomenheid en dan is iedere versie van de werkelijkheid een uitkomst van een serie beslissingen. Beslissingen die veelal onbewust en impliciet genomen worden. De werkelijkheid is daarmee telkens opnieuw een instantane creatie. Door dat onbewuste impliciete ontstaat schemer van waaruit gefluisterd kan worden. In de battle of truthes die zo ontstaat, is de beste taalgebruiker een winnaar in velerlei opzichten. Het lijkt er voorts op dat intelligentie intens verknoopt is met taalbeheersing waardoor de “dommen” kansloos zijn in de jacht op macht of representatie in het taalspel, het talige gebouw dat democratie heet. Dit geldt in het groot (samenleving) en in het klein (conversaties) en de grens die hier kan ontstaan is als de minderen het taal-, het frame-spel niet weten te winnen. Dit kan hun woede wekken en uiteindelijk opstand veroorzaken. Propaganda overbrugt dit gemis door langs de weg van emoties, symbolen, waltdisneytaal het adressaat aan te spreken. Als je dan bedenkt dat dergelijke emoties evenals geur ons besef sneller en overrompelend bereiken, dan is duidelijk dat de democratisch, bureaucratische werkelijkheid van neutraliteit en nuchterheid altijd te vrezen zal hebben van propaganda, religie en beeldtaal zowel in het groot (samenlevingen, peergroepen) als in het klein, in conversaties. Waar het mij hier omgaat is te benadrukken dat omgaan met elkaar de samenkomst van meerdere versies van de werkelijkheid betekent en dat daar competitie zal ontstaan. Het scheppen van neutraliteit of het differentieren in peergroups is dan het antwoord bij uitstek. En achteruit geredeneerd schept men een daarbij behorende moraal die dan zo-genaamd de bron van de verschillen is, maar die andersom van uit die verschillen wordt aangelegd als een fundering achteraf zoals de mens god naar zijn evenbeeld schiep en dat precies andersom porbeert uit te venten. “Liegen” is daarmee onontkoombaar geworden en slecht liegen blijft als pech voor de dommen. Keep up your cover. 

Veel moraliserend denken blijft onder de pet, onbelicht en onverwoord, althans blijft moraal zo lang het goed gaat impliciet, keurig verpakt in protocol, etiquette, beleefdheid, diplomatie. Omdat het oh zo hoogst persoonlijk is, houdt men de kaarten tegen borst net als met politieke voorkeuren. “Dat ís nu eenmaal zo. Ik bén zo”, zegt men dan met zichzelf als mythe. Ik tracht die nevelen te doorzien want ik hoor in villawijken, compounds en gated-communities dezelfde lulpraat als in achterstandsbuurten en kartonnen woondozen. Als amateur-humaniorist zoek ik immers de grootste gemene deler en het kleinste gemene veelvoud in de menselijke ondervinding van het bestaan.

Moraal en de schimmigheid die daarbij lijkt te horen heeft de mens ook een verkrampte kijk op leven en dood bezorgd. Mijn aanklacht betreft dan het doorgeslagen fanatisme waarmee jegens het menselijk leven tot voortzetten of (her)aanvangen ervan wordt gedweept. Zowel aan het eind rond euthanasie als aan het begin rond vroeggeboortes, de neonatologie. Op beide terreinen wordt de toon gezet door hetgeen medisch mogelijk is en daarbij wordt rücksichtlos alles uit de kast gehaald. Daar ontstaan vragen waar ik hier mee rond zeul. En waar ik juist vragen zie, zien anderen meteen antwoorden alsof dat het begin van het besef is.  Maar dat besef kun je bevragen omdat je het zelf, mogelijk onwetend hebt gevormd. Ik wijs hier op de ruimte die daar is die door velen ijlings wordt gedicht met bijgeloof, met ondoordachte door angst voor ledigheid gevoede projecties. Er zit een stuur aan je besef. Je kunt er aan draaien en dat doe je voor eigen rekening. De mens schreeuwt om redenen tot leven en handelen, om gevoel van essentie. Helaas voor hem heeft alles een oorzaak, maar gebeurt er veel zonder reden. Waardoor wij leven is nog wel in te zien maar waarom ? Roept u maar.

Moraal is niet “van gisteren” maar ontleent zijn legitimiteit aan de blik op morgen ter ondersteuning van het omgaan met elkaar. Het is geen metafysica en niet slechts zichtbaar voor ingewijden. Het lijkt me simple comme bonjour en onze allereerste opdracht om vrede te zoeken omdat dat voor iedereen en absoluut ook voor jouzelf het beste is. Moraal constitueert daarbij respect en leert ons dat je vertrouwen niet kunt vragen, laat staan afdwingen net zoals bij liefde en voorrang in het verkeer. Evenals includerend denken omdat dat rechtstreeks voor jezelf het beste is. Keer op keer blijkt dat dit zelfs aan de hardnekkigste jonge crimineeltjes is bij te brengen. Een praktikum naastenliefde zonder wonder en zonder rocketscience of totempalen. Vrede ie salles waard en vertrouwen kun je slechts geven of ontvangen maar niet vragen. “Trou moet blijken”. Hetzelfde geldt voor voorrang in het verkeer of een affectieve relatie met een partner. Daarin moeten we grotendeels afwachten en het ons laten welgevallen als het zich voordoet; als vertrouwen, voorrang, wederkerige liefde ervaart.

Religie. De mensheid staat pijnlijk alleen wat ook mijn persoonlijke zwamkampioenen Henk Binnendijk, drs F.H. Breukelmans, ds Henk Poot naast al die andere dwaallichten en taalgoochelaars wereldwijd beweren. Een beetje placebo-effect van de gezochte waan lijkt het hoogst haalbare en ik herhaal mijn trits van elders: waar is dat wat je gelooft, je geloof komt voort uit je wil, je behoefte, je hoop en wordt begrensd door wat je ten hoogste kunt bevatten. De mens functioneert niet slechts als registratie-apparaat. Veel meer dan dat projecteren we vanuit de innerlijke beleving en registreren we overeenkomstig hetgeen we nodig hebben als een proces. Juist zoals dat met canons en propaganda gaat, maken we dan een denkbeeld “waar”, vullen ze aan als denkbeeldhouwers. Maar de verdienste daarvan zit hem uitsluitend in het effect en niet in een edelmoedige oorsprong. “The eye of the beholder” komt ons graag tegemoet. Toen die Mozes de berg afkwam met z’n stenen tafelen wist hij dit als geen ander. Hij had zogenaamd de heilige wil onder de arm en de naleving ervan bracht de noodzakelijke sturing en daarin ligt de legitimatie net als bij verkeersregels. De pragmatiek viert er hoogtij. Moraal is of neutraal ofwel is het religie. Er zit niets tussen. En wie de tien geboden “achteruit” leest ziet in welk een chaos dat volk verkeerde. Het schreeuwde om sturing en de werking van die tien geboden behoort tot het terrein van de communicatietechniek waar de aandacht uitgaat naar onze perceptie, de beleving van de deelnemende enkeling en niet of nauwelijks naar een externe werkelijkheid. Moraal, waarden en normen kennen god noch gebod maar voor zolang erin geloofd wordt, is er ordening: “es gibt nichts Praktischeres als ein gute Theorie”. Het komt de effectiviteit ten goede als men dan bovendien meent een hogere opdracht uit te voeren maar de verdienste van de voorschriften liggen ten hoogste in de ordening door gehoorzaamheid. Kerken functioneren zo als tankstations voor zingeving en je kunt tanken bij Allah, bij Jahweh, Boedha en al die anderen. Eind goed al goed. Maar als geboden niet meer voldoen, gooien we ze aan de kant, desnoods met god en al. Het religieuze deel van religie hoort immers thuis in de Efteling of een ander sprookjesbos.

Het gaat in religie, zo werd mij ooit geleerd, om geloven/ aanvaarden “als een kind”. Min of meer klakkeloos. Niet te veel vragen. Om daarna als beloning een vervuld en vervullend leven te hebben. Verleidelijk en gemakkelijk daaraan is dat je meedraait in een enorm instituut, gedragen door traditie, verhalen, relikwiën, liturgie, exegese, historie van het geloofde, van vervolging, lijden en zekerheid hegemonie op lange termijn. Men stapt in een rijdende trein en kan “de conducteur” om informatie over alle levenskwesties vragen waartegenover ik in mijn eentje op de tast mijn weg, mijn houvast moet zoeken in deze existentie. En woe toetreedt tot een kerk, krijgt een grote vriendenkring als welkomstgeschenk. Bij de Jehova’s neemt dit waarlijk belachelijke vormen aan. Daar gebruikt men veel van dezelfde technieken als gouden cirkels zoals Titan dat was. Tenenkrommend maar wat geeft het.

Gêne of angst voor de leegte van de dozen, voor de loze afkomst van religies wordt overschreeuwd met een felheid over de onweerlegbaarheid van de aangehangen voorstellingen, zoals ik die ook wel in voetbalstadions zie; mannen, vooral mannen, jong en oud met wijd opengesperde bekken zie ik op krantenfoto’s van religieuze betogingen. De razernij van jihadisten en kettervervolgers in het algemeen is van dezelfde oorsprong als de meeste menselijke woede en komt rechtstreeks voort uit angst. Neem de proef op de som en vraagje bij woede van jezelf of een ander maar af waar die angst vandaan komt. En als ik dezer dagen beelden zie van bebaarde mannen in abaya’s met woedende blik en opengesperde monden die verblind de dood van deze of gene die hun Mohammed beledigde eisen, dan zie ik angst. Veel mannen, ook de seculieren, vallen in essentie samen met die pose. Wapperen met teksten, wijzen op voorgangers, bereidheid te sterven, de toewijding aan kerk- en tempelbouw, de wereld van het martelaarschap. Voor alle religies, moraal, modes en kunsten geldt dat in de grondslag ‘volgen zonder vragen’. Een spel van voorgangers en volgelingen. Als een onderdeel van ‘men’s search for meaning’ . De aanleiding is dada. Vergeet gewoonweg waarom of waardoor je er ooit aan begon, maar geloof temidden van geloofsgenoten, je gratis vriendenkring inclusief de hoognodige andersdenkenden, de scapegoats, de ketters van wie je je zo pront weet te onderscheiden. Jij doet het goede. Jij bent binnen, als in een mentale compound. “Blijf van mijn zingeving af !!! het is al wat ik heb !!!” lees ik in die ogen en die wijd geopende mannenmuilen. 

En wat te denken van moraal c.q. religie als de “dozen niet leeg zijn”, als de geldigheid niet gelegen is in de ordenende werking ? Dan wordt tekstvast en nietsontziend geïnterpreteerd en schopt men ons terug de middeleeuwen. Dat levert de bekende keiharde standpunten van religieuzen op zoals die bekend zijn ten aanzien van euthanasie, geboortebeperking, neonatologie, gebruik van antibiotica en inentingen, homofilie en genderkwesties, geloofsplicht en de eindeloze koppeling van voorschriften voor praktische zaken die alle godgegeven zouden zijn. Dan wordt religie misbruikt om een (meestal mannelijke) wil op te leggen. Dat ging voor al goed in de tijd dat de meeste mensen analfabeet waren en de schriftgeleerden niet. Maar ook de keuze voor een politiek linkse- of rechtse inborst kan gebracht worden als stammend vanuit een al dan niet occult maar absolutistisch binnenste.  Die sleutel waarin ieder zegt te staan. Uiteindelijk gaat men ook hier door de bocht en wordt geloof aangepast aan de behoefte zij het dat het dan tekstuitleg, exegese heet. Jaja, zo kan ik het ook. De paus is aldus de Yves Saint Laurent van de moraal van zo’n 1,4 miljard mensen die hun diepste denken aan hem hebben uitbesteed.

Kunst. In het domein van kunst (niet de ambachten) is inmiddels ook de meest losgezongen vorm van branding terug te vinden. De tomeloos rijken kunnen er niet genoeg van krijgen en versterken het effect tot in het absurde. Damien Hirst is daar van het toombeeld geworden. En ook hier, nee júist hier huist de kwaliteit, de verdienste van een kunstwerk niet in de hoge afkomst maar in de uitwerking op de kijker, de samenleving en strekt tot verbinding en onderscheid. De verdienste van kunst ligt in dat wat men gaat doen met het stuk, de produktie in kwestie. De afkomst is ook hier loos, willekeurig en volledig afhankelijk van de inbedding. De uitwerking, het effect daarentegen is het enig relevante want ook in kunst is de importantie niet terug te vinden in het werk zelf wat de kunstenaar ook weet te vertellen over doel, strekking, lading van zijn producten. Andy Warhol regisseert onze perceptie onverschillig wat we aanschouwen. De vraag is almaar weer: “wiens kijk op de zaak vindt navolging ?”. Wiens perceptie/ projectie wordt overgenomen ? Wie doorbreekt de stilte, de blakte, wie vult het lege toneel, de kale sokkel, wie beschrijft, bewerkt het lege vel ? Waarna het effect zich laat gevoelen door een amalgaam van zingeving, verbinding en sociale aberraties van velerlei aard. Zolang de leegte maar voorkomen, verhuld of bestreden wordt. Er mag/kan nooit niets zijn en bijna alles is geschikt om tot gelding te komen, gedragen te worden door publiek, door volgers die aureolen, priesters, zieners en brille zoeken. Daardoor doen mensen met autistische kenmerken het vaak zo goed in kunst. Zij kunnen niet anders dan vastberaden zijn. Wie verschaft ons de geschikte wanen door hulp bij het projecteren ? En bij dat alles zijn we geen stap verder dan duizend jaar geleden en dat geeft niets. Random it is, random is life.

En zelfs leegte, blakte is te bevragen door bijvoorbeeld 4 min stilte, lege doeken of lege expositiezalen maar dat kan niet te vaak en het moet zoiets als de juiste timing hebben. Het is allemaal al eens gedaan en gewaardeerd.  En the sky is the limit of zelfs dat niet waar het spel met wanen, projecties, percepties vanuit de eerste persoon enkelvoud wordt gespeeld.  De mens is onvermijdelijk een abstracte denker. Kunst is het gebied waar daarmee tomeloos kan worden gespeeld, geoefend. Oefenen, sollen desnoods met zingeving.

Mode. Met “lege dozen” bedoel ik hier opnieuw dat het veel belangrijker is dát er inhoud wordt aangereikt dan wat die inhoud dan behelst. Wat de inhoud inhoudt doet er vrijwel niet toe. De toonaangevers, de modebaronnen hebben daardoor alle ruimte en zij beginnen net als de tekenaar met een blanco vel. Hun perceptie is dan de vanzelfsprekende maat voor de dingen en pas dán vult die aanvankelijk lege dozen en verschaft volgers iets om te volgen. Selffullfilling. Maar ook hier zijn het in beginsel zieners die staren in het niets. Alles volgens een procedé zoals in een vergadering bij acclamatie tot besluiten kan worden gekomen. Zij die heen en weer gaan in de draaideur tussen “het vacuüm van de radicale overtuiging” en de hordes die naar een leidraad, een Mozes, een verhaal, een fijne waan snakken. Jagend op richting, op een patroon, smekend om onbetwijfelbaarheid, houvast zoekend in persoonlijkheidsstijlen. Alles, ja álles is make-up.

Je verschijning, je look is als eerste klap een daalder waard doordat beeldtaal met grote invasieve kracht ons besef vervult en dat vele malen sneller dan woorden dat vermogen. Er is niets wezenlijks veranderd sinds we over steppen en door bossen slopen, licht bevreesd voor alles wat beweegt en erop gebrand om in een oogwenk het kaf van koren te scheiden. Tegelijk is binnen een modestroming juist het geloof dat het beslist zus en zó moet cruciaal. Zó en niet anders. De volgers menen juist dat zij als geen ander de onderscheidende inhoud kunnen duiden, vinden een thuis in kleuren, vormen en een wereld aan subtiliteiten, uitgesponnen in make-up van verlei aard. Kies wie je wilt lijken te zijn opdat je het wordt, althans in de ogen van anderen. Express yourself, construct your look en word wie je zijn wilt. Jij weet wat je wilt ook al heeft de modekoning zijn keuzes die jou tot wet strekken met gesloten ogen gemaakt. Telkens voor dat moment. Zoals Damien Hirst naar mijn indruk een fles wijn of wie weet wat naar binnen kiept om bezopen oprispingen vervolgens zelfverzekerd ten tonele te voeren. In mode begon het ooit met onzekerheid tav het volggedrag zoals weersvoorspelling maar intussen hebben de groten in de mode een een goed werkend dashboard. Controle over ‘de kledingmeteorologie’. Het gaat daar immers voor degenen die de juiste posities bekleden om zelfvervullende profetieën. De inhoud is bijzaak. En intussen mag/moet mode cyclisch verlopen en kunnen stijlen uit het verleden juist weer als het konijn uit de hoed komen.  

De functie van dat al ligt besloten in het ordenende en tegelijk vervullende effect dat rust en stabiliteit verschaft aan grote en kleine samenlevingen en hun deelnemers zoals ook de andere disciplines die ik hier bespreek dat doen. Disciplines die mij interesseren als verlengde van mijn betoog over de enkeling wiens blauwdruk doorwerkt en gestalte krijgt in vormen van samen leven, dat telkens opnieuw alleen maar te begrijpen is door de ogen van die enkeling, de eerste persoon enkelvoud, de epe. Een ander uitkijk dan de eenpersoonsperceptie kent de mens niet. Niettemin bemerk ik dagelijks hoe journalisten, bestuurders, wetenschappers zich bedienen van dromen-perspectieven alsof die realiter zijn, alsof de sociologisch blik op de mensheid het maatgevend uitzicht zou zijn. Ik bestrijd dat. Juist deze perceptie-vergissing deze miskenning van de onvermijdelijke hegemonie van het epe-perspectief leidt tot grondige misvattingen in de kennis van mensen en samenlevingen en wijze waarop daarmee omgegaan kan en moet worden. Erger nog stel ik vast dat macht- en winstzoekers door bewuste en genadeloze toepassing van communicatie-wetenschap zowel op hun eigen terrein (reclame, politiek) als in de manipulatieve omgang met een volk (machtzoekers) zowel als met de overheid (winstzoekers) veel verder zijn dan zij die opkomen voor het soevereine burgerbelang waar uiteindelijk alles om zou moeten draaien. Het is te betreuren dat het land Buthan beroemd is om zijn uitzonderlijke bewustheid van het Bruto Nationaal Geluk waar dit gemeengoed zou moeten zijn.

Mode, ons uiterlijk, moet, niet anders dan de overige hier besproken disciplines, ‘dat’ effect hebben. Er moet volgend onderscheiden worden, En de consumenten/volgelingen hebben het gevoel dat zij met verstand van het juiste een fine fleur opgraven waarmee ze zich associeren. Mensen het gevoel geven dat ze authentiek en eigenstandig tot het juiste komen. Het lijkt allemaal telkens weer te gaan om het aanreiken van de juiste waan net als in propaganda en eigenlijk in die vermaledijde communicatietechniek in het algemeen. Vraag het de spindoctors en reputatieherstellers. Zonder waan komen we tot niets. Wat anders valt er te leren van grootschalige voorbeelden als de wereldreligies om ons heen. En omdat wanen hun bestaansvoorwaarden en legitimatie slechts krijgen in het uitzicht vanuit de enkeling, moet daar altijd weer naar worden teruggekeerd om het menselijk domein te verkennen, te doorgronden en uiteindelijk te regisseren. 

Gerechtigheid. En ook het recht, onze vastgelegde en desnoods opgelegde omgangsvormen, ademt mee met al wat aanvankelijk ongeschreven als normaal of moraal wordt beschouwd en zonodig wordt aangevuld met rechts-vinding en -vorming. Alles uiteindelijk gericht op overleven en op niets anders dan dat. Meer dan eens gaat het om uitgeschreven moraal die, als vertolking van mijn versie van naastenliefde, ook niet meer beoogt dan vorming en behoud van samenlevingen en van hen die deze vormen door het scheppen van condities voor vreedzame coëxistentie want, ik herhaal, vrede is niet normaal. Vrede is een activiteit en moet dagelijks bereikt, verdedigd en gewaardeerd worden. Door rechtsvorming als een relativerende bezigheid los van metafysica, esoterie of wat ook. Er valt niets en niemand aan absoluuts te dienen of te behagen. Het behoud van de zaak “mens” is voldoende. En laat ons niet te lang klagen over inefficiëntie van bureaucratie. De acceptatie daarvan is mede hoe wij betalen voor vrede voor allen. Dezer dagen raakt de horizon van die missie verbreed door de noodzaak de condities voor menselijk voortbestaan op onze planeet in de beschouwing te betrekken ook al zal 15 meter zeespiegelstijging en de terugkeer van een deels woeste en ledige aarde door stormen en meer het einde van vele mensen maar nog niet van de mensheid in haar geheel betekenen. N’import of die mens de veranderingen teweeg bracht of niet. 

In termen van de gedachte dat” mannen willen sterven, vrouwen willen overleven”, is recht als intentie eerder feminiem dan masculien van aard. Maar ook hier is geen sprake van absolute opvattingen of geboden. Mozes’ truc met de tien geboden pas werd ingezet toen het volk ten onder dreigde te gaan en ordening, structuur, richting behoefde in casu slim verpakt in een gerevitaliseerd godsbeeld. De disciplinerende werking van moraal en recht bestaat vooral in de angst buitengesloten te worden. Net als in de speeltuin. Althans voor hen die niet al door een godsbesef zijn aangelijnd. Het maakt voor de orde ook niet uit of de “ingebouwde politie-agent een blauw uniform, een kazuifel, een toga, djalaba of spijkerpak draagt zolang ordenende gehoorzaamheid het gevolg is en er meer haringen in een ton passen. Hoe dan ook houdt angst voor excommunicatie de mens doorgaans in het gareel als een variant op speciale preventie. Variant omdat dit begrip oorspronkelijk gemunt is vanuit de perceptie van de overheid. Hier echter gaat het om hoe de enkeling zichzelf in het gareel houdt en waarom of waardoor hij dat doet.  ik noem dat de “ingebouwde politie-agent” zoals je die mag verwachten in het gedrag van oprechte christenen. Als die zich houden aan hun eigen` regels, codes zullen ze integer zijn, je niet bestelen en bedriegen en als je zo iemand in dienst neemt, mag je verwachten dat hij of zij op tijd komt en de taken zo goed mogelijk vervult. In een poging leuk te doen zei ik dan wel eens dat je dan te maken hebt met mensen met een zelf opgelegde gebruiksaanwijzing die je zoals de meeste manuals inmiddels gewoon op internet kunt vinden. Ik word het niet moe te trachten zo’n manual die voor allen in grote lijnen geldt, hier op te stellen. Wat beweegt de humane “robot” ?

Zo wordt wel betoogd dat gerechtigheid, rechtsgevoel wat dan samenvalt met of deel uitmaakt van de moraal of van moraliteit, de bron van rechtsregels zoals in het strafrecht zou moeten zijn. Men laat zuch dan leiden door wat ik “fluisteren in het donker” noem.  Praten over gerechtigheid wordt dan als putten uit lege dozen door ziener zonder zicht zoals tekenen zoeken in een wolkenpatroon. Daarvan is niets te verwachten voor wie beseft dat wij onze verlangens al snel verwerken in wat wij aanschouwen sinds ons zicht verregaand wordt bepaald door hoe we kijken, het adagium van schrijfsels alhier. Het anker van gerechtigheid komt niet van buiten ons, als een absolutum, is niet te lezen tarot-kaarten, ayuaska sessies, winti -rituelen. Laat ons regendansen omdat dansen fijn kan zijn maar niet om regen uit te lokken. Laat ons geloven in een god maar met een knipoog, zingen en sprongen voor Allah en Jezus maar als mythe, als Canterbury=Tales. Gerechtigheid is een bureaucratisch produkt, gammel, aanvechtbaar, kostbaar, kwetsbaar maar de beste machtsvrije distrubuteur van kansen en middelen over ieder van ons. Gerechtigheid ontleent zijn legitiemiteit aan wat gewenst is in het licht van het komende niet anders dan verkeersregels. Ten behoeve van allen, niemand uitgezonderd, inclusie is nood- en hoofdzaak. Schulddenken zoals de mens maar al te graag doet is metafysica, is voodoo, winti, religie, windhandel. Schuld is al gauw onderdeel van wraakdenken. Poena mag over schade gaan, niet over schuld als morele categorie. 

Geld. En what about geld ? Begint dat niet evengoed als lege doos ? We bedienen ons inmiddels van zo genaamd negatief geld met waarde ontstaan door schuldschepping. Een intrinsieke waarde heeft geld niet meer sinds de goudstandaard werd losgelaten. Geld is vertrouwen op terugbetaling in de toekomst. Een psychologische entiteit. Geld heeft zodoende ook al geen afkomst meer en is gericht en gebaseerd op verbinding en onderscheid van mensen en samenlevingen net als mode, religie, moraal en de nadere disciplines die ik probeer te duiden. Een volatiele tussenstap in de uitruil van goederen en diensten, een eigenschap die door “bedieningsknoppen” als inflatie, rente, kredietconcepten een dashboard heeft verschaft aan banken, verzekeringen en overheden waardoor de huidige doorgeslagen financialisering van mens en maatschappij mogelijk werd. Alles volkomen afhankelijk van vertrouwen cq geloof in het komende dat dan via comtech en hoogwaardige ict weer verregaand manipuleerbaar. En passant werd geld almaar virtueler, zelfs niet meer gekoppeld aan papier of munten. Geloof, hoop, niet anders dan in de receptuur van alle ‘waarheid’ uit de Lagerweij-trits; waar is wat je gelooft, je geloof komt voort uit je wil, je hoop en wordt begrensd door wat je behoeft of ten hoogste kunt verdragen. Geld is evenals beursaandelen geloof in waarde in toekomst van de debiteuren. Geld is hoop en hoop is maakbaar zoals manipulatie cq lekken van nieuwsberichten telkens laat zien. Ook het belang van voorkennis doet dan opgeld. Financiele instituten zijn uiteindelijk van een facilitaire functie door eigen ingrijpen, lobbyen, manipuleren op alle niveau’s geëvolueerd tot verdienmachines op een schaal die de echte economie doet verbleken. De ware economie, die van Jan Pen, is volstrekte bijzaak geworden en daarmee zijn hordes, miljarden llonslaven voorop, pijnlijk gemarginaliseerd. Hooverend boven samenlevingen en ongrijpbaar voor nationale overheden hebben banken, aanverwante instituten en grotendeels onbekende shareholders de uiteindelijke macht op onze planeet. De getrouwe hordes die 40 jaar lang schulden afbetalen, in files staan, afgevaardigden kiezen die vervolgens zonder gêne met lobbyisten samenleven, dineren en vakanties vieren, met wier pensioenaanspraken openlijk gesold wordt en die geketend door geligitimeerd misbruik van algemene voorwaarden nog slechts fopzeggenschap over hebben, zij zijn de nieuwe slaven van deze tijd. De minderheid aan integere bestuurders die er beslist wel zijn, tollen machteloos door parlementen waar de dienst al lang niet meer wordt uitgemaakt. Hun democratie is een bezigheid voor de bühne. Rien ne va plus, het geld is niet meer van u.

Propaganda. Het voorgaande geldt onverminderd voor propaganda (en ook voor homeopathie dankzij het placebo-effect maar dat terzijde). De inhoud bestaat vaak in verheerlijking van de geschiedenis van een volk, de canon dan wel draait het om persoonsverheerlijking van een nieuwe redder, een bezem die gezegd wordt schoon te zullen vegen. Er wordt dan evenals in reclamedenken gewerkt met branding-technieken, een term afkomstig van “brandmerken”. Het doel is dan de bundeling van machtsfactoren en aanvaarding van gezag van een persoon of structuur door de hordes, het kiesvee, die uiteindelijk nog slechts mogen juichen en applaudiseren als bij acclamatie. En die daarmee intens tevreden lijken te zijn. Scapegoats creëeren, emotioneren, simplificeren en de bureaucratie aanklagen, zie daar het verdienmodel van nationalisten en wereldwijd.  Intussen is branding is weinig anders dan het sleutelen aan de perceptie van mensen. Net als hypnose. De betere werkelijkheid kan daar onder te lijden hebben. Ieder mens is hier gevoelig voor maar de minder zelfstandige denkers (van wie er de meesten hebben) zijn zonder meer kwetsbaar te noemen. Zij laten zich gemakkelijk verleiden zoals op straat te zien is aan wie wel en niet obees is, wie wel en niet veel rookt bij voorbeeld. Ik zal hier zwijgen over al die jammerlijk getatoeeerden. 

Het is heel gemakkleijk om propaganda en branding af te wijzen als oneerbare manipulatie maar dan wordt miskend dat er zonder waan geen zinnigheid is, dat objectieve waarheid, afgezien van wetenschappelijke benaderingen, ondenkbaar is en dat mensen in het dagelijks leven geleid worden door meningen, door illusies, door intuïtieve omgang met elkaar en de omgeving en dat daarbij de nood aan zingeving en zelfrechtvaardiging dominant zijn. Dit betekent weinig minder dan dat ook neutraal bedoelde democratieen maar moeilijk kunnen wegblijven bij deze technieken wanneer zoals dezer dagen populisme opkomt en ieders denken mee gaat in termen van branding en actieve waanvorming door het bespelen van de snarenstelsels, het sensorium van ieder betrokken individu. “Identiteitspolitiek” is een in dit verband gebruikt woord zo meen ik . 

Democratie met haar uitvoeringsorgaan bureaucratie is jammerlijk eenvoudig te bespotten om haar inefficientie en zodra zij daarop wordt aangevallen zal zij zich met propaganda en branding-technieken moeten verweren en dat als regelrecht gevolg van het feit dat velen niet het inzicht kunnen opbrengen al wat democratie en coalitiepolitiek vereist. De meesten zien niet in dat bureaucratie het hoogst haalbare is voor de neutrale en inclusieve behandeling van de belangen van allen en dat tegenover de inefficientie de onvolprezen verdienste van dat stelsel is te te inden in de versplintering van de macht. Ten onzent is dit allemaal uit de bocht gevlogen door lobbyen en de draaideuren tussen politiek en bedrijfsleve, maar in de grondslag is bureaucratie het sublieme uitvoeringsorgaan van taken van openbaar bestuur. Een apparaat dat overigens het allerbest zou functioneren als softwareprogramma maar daarover heb ik nog weinig gehoord. In Estland schijnt men daar al ver mee te zijn, maar dit ter zijde. De massa van de kiezers is zeer gevoelig voor technieken uit de reclame- en televisiewereld, voor laten binnendringen en managen van hun perceptie, hun eerste persoon enkelvoud met souffleurstechnieken, afwisselend appelerend aan onze ingebakken angst verlaten te worden, geen relevantie meer te hebben, niet gezien te zijn en meer van dat en diezelfde technieken die in bijvoorbeeld de voetbalwereld tot bundeling van aandacht en enthousiasme leidt, doen dan opgeld in politiek en openbaar bestuur. Zo’n consentiëuze simplist als de televisiemaker John de Mol bedient zich allen decennia van dit eenvoudige model. De verlegenheid hiermee in de Nederlandse politiek maar ook daarbuiten is dezer dagen overal voelbaar. Gevestigde politieke partijen hebben nog altijd geen antwoord op de onverwoestbare efficientie van propaganda. Zelfs in Skandinavie waar meer dan waar ook nuchterheid troef is en bureaucratie verregaand aanvaard en gedragen wordt.  Ook daar zal propaganda moeten worden ingezet ook al is dat een techniek die al snel tot ontketening van de oorspronkelijk intentie leidt en die zich maar moeilijk verdraagt met emotieloze technocratische technieken zoals polderen. Maar wie de waan van mensen ongemoeid laat, zal ze niet gemakkelijk voor zich winnen. Macht- en gezagzoekers die dit niet doorgronden hebben geen effectief antwoord op de johndemollen in de politiek zoals dat wereldwijd te zien is. Op de achtergrond spelen enkele grote consultants overal hetzelfde spel. Ik vermoed dat die verweven zijn met de accoutants- en advocatenkantoren die de laatste 75 jaar de globalisering en financialisering hebben geregiseerd. 

En wat te denken van politieke inborst zoals de “afkomst uit een rood of een liberaal nest”  ? Is zo’n inborst uiteindelijk niet net als kleding gewoon een keuze en wil men van de zgn diepere, principiëlere keuzes zoals religie, politiek etc graag doen alsof dat meegebakken zit in het DNA, het deeg waaruit wij gevormd zijn ? Het lijkt mij nogal duidelijk. Zijn sommigen onder ons intrinsiek links of rechts zoals met schrijven en voetballen links- en rechtshandigheid en-benigheid bestaat ? Ik kan dat moeilijk geloven ook al wil ik niemand zijn zelfverzonnen authenticiteit afnemen. Waar stopt de mens met denken en wil hij delen van zichzelf buiten discussie houden ? “Zo bén ik nu eenmaal” hoor je dan. Om zich soeverein te voelen, de kaarten tegen de borst te houden. Dat geeft ruimte voor bluf voor projectie en voor wie dat niet beseft, voor zelfbegoocheling. Hier is vol-op ruimte voor de goed leugen en dat is mij goed genoeg. Laten we inzien dat we onze eigen inborst in de hand hebben en niet te serieus doen over wie we  als een godgegeven zijn. Die  doos is leeg en onze inborst heeft geen oorsprong. Onze inborst heeft een knop op ons eigen dashboard en is veranderlijk. We zijn maakbaar en veranderbaar en het is aan te raden dat te beseffen en te handelen in het belang van mens en mensheid. 

Vraag de aarde wie haar bewoont en mogelijk kent ze ons niet eens. Het heelal weet niets van ons. Mensen ? Nooit van gehoord. Wij hebben geen oorsprong maar kunnen wel naar doelen toe werken, bedoelingen hanteren. Om maar iets te noemen is vrede geen vanzelfsprekendheid net zo min als bijvoorbeeld betrouwbaar drinkwater. Het besef dat we onze inborst, gewild of niet, in de hand hebben of we dat nou willen of niet, maakt ons verantwoordelijk voor wie we zijn. Net zo goed als de kleding die we dragen, zijn we aan te spreken op de fundamenten van onze verschijning als burger, van wie we zijn als deelnemer aan de samenleving. Laat niemand denken dat hij authentiek is van geboorte. Je bent geen god- of ander oergegeven. Het mag dan begrijpelijk zijn dat de mens oh zo graag ergens vandaan komt. Uit een vorig leven, een hoger of lager wezen met een oude of een jonge ziel, maar ik vrees dat je na je overlijden weer net zo dood bent als voor je geboorte en in de “wachtkamer” daartussen kun je het maar beter doen met wat er voorhanden is. Wie zich dan aangestuurd goden en kharma’s en andere waant, die laat ik ongemoeid ook al heb ik daar mijn eigen gedachte over. De aarde is woest en ledig en het leven is kaal en koud van zichzelf. Fantasie zal ons moeten redden want de aarde noch het heel hebben omons gevraagd.

(of de momentane situatie (zoals Saddam Hoessein id,,… die andere) kunnen als vooralsnog geslaagde revolutie aanleiding zijn niet rigoureus in te grijpen maar de tijd / perspectief (van desnoods enkel decennia) in te zetten als onderdeel van het proces zoals de talibaan als middeleeuws beschouwd kan worden en dat niet overnaight kan worden uitgewist….. Immers is het democratisch proces zoals dat in Nederland en omgevende landen worden beschouwd op papier de beste weg naar gelijke behandeling maar is daar doof ontketende toepassing van burgerlijk recht de misstand evengoed komen boven drijven….)

Slot. Ik betoog hier dat er geen voorafgaande diepzinnige grondslag is voor geldend recht, de heersende moraal of mode zo min als voor religie, kunst of geld. Het is allemaal net zo plat als propaganda, voetballerij en televisiesoaps en meer is er domweg niet, afgezien van pretenties over hoge kunsten. Al die fenomenen missen intrinsieke waarde hoewel die  veronderstelde waarde de reason to be vormt, ontstaat die pas door het gebruik en het bijbehorende vertrouwen. Dat geldt voor de malle verzindels van Damien Hirst niet anders dan (dezer dagen) voor de smalle pijpen en de lage broeken van Viktor en Rolf. Aandelen en ons geld hebben diezelfde eigenschap. Het zijn stuk voor stuk tooltjes met een sociale functie, die de mens voorzien van zingeving en verbinding maar intrinsiek is de betekenis ervan niet meer dan de oude weekbladen in de wachtkamer van de tandarts. In beginsel waardeloos verzachten ze het wachten op de dood en daar ligt hun betekenis die dan opeens weer niet gering is. “How to get older lonely people ?”. 

Na dit essaytje sta ik ook zelf met lege handen, beschik ik over weinig meer dan de gemoemde fopspenen, de oude Libelles in de wachtkamer van de tandarts. Maar liever naakt dan namaak voor wie zich door de leegte van existentie niet met een kluitje in het riet wil laten sturen. Dit leven kan niet zonder zoethouders zoals cultuur, een roes of waan. Van cultuur wordt gezegd dat die eerst kon ontstaan toen wij vlees gingen eten en het is niet eens van belang of dit historisch juist is, het verscherpt het beeld dat ik hier wil schetsen. Het leven heeft geen intrinsieke zin maar we kunnen er zelf wat van maken. Kunst is daarbij van dienst en ook al het andere hiervoor genoemd kan bijdragen aan ons mens- en mensheid-zijn. Je zou jaloers kunnen worden op de diep gelovigen en alle andere ferventie en engagement om ons heen en ik wil niemand zijn persoonlijke urgentie ontnemen, maar van een afstand beschouwd krijg ik beeld dat ik probeerde te verwoorden. Vrede, liefde, bloei zijn de uitzondering op de regel oorlog, haat, dood en chaos en dat vraagt ons ingrijpen. Een juiste beschouwing is dan noodzakelijk en ik meen tot een koppeling met mijn mensmodel van elders te zijn gekomen. Waar blijft mijn boeket bloemen ? (dit is een grapje).

Moraal, mode, geld etc worden gered door hun impact. Er wordt richting, urgentie, dagbesteding, zin, structuur, waarde en cohesie, kortom rust en misschien ook berusting aangeboden en zelfs opgelegd. “how to get older lonely people?”, welnu, zó dan maar. Opdat de ‘wachtkamer’ geen boksring wordt. In die zin maakt het niet uit of we het optreden van Hans Kazan, Jezus van Nazareth, Yves Saint Laurent de Dalai Lama of Damien Hirst bespreken. De kijker/ luisteraar wordt geacht zich welwillend, noem het goedgelovig op te stellen met als beloning een vervullende waarneming, geruststelling en richting in het bestaan. Zoals ook een gedicht of welk kunstwerk ook tegemoetkoming vraagt. Allemaal fijne hulpmiddelen bij het construeren van waarheid uit eigen oven. Met jezelf als kers op de taart. Lekker shoppen, naar de kerk, het parlement, de galerie, etc. Is allemaal niets op tegen. De waarde is als die van verkeersregels. Ze voorkomen dat volk aan zichzelf te onder gaat. 

De volgelingen intussen menen dat het gaat om de bron van hun goede smaak, van goed verstaan en savoir vivre maar Mozes had ook totaal andere regels kunnen opstellen. In andere bewoordingen met een ander effect maar zolang de chaos wordt bestreden en er samenhang, verbinding ontstaat zoals ijzervijlsel zo leuk patroon krijgt onder invloed van magnetisme, hebben de disciplines hun verdienste. Zo’n patroon brengt ”sens”, maakt kwesties zichtbaar, onthoudbaar en hanteerbaar voor de menselijke geest. Ordening is de beloning van volgzaamheid. Met “helder water” als resultaat. Juist doordat “wat je ziet, hoe je kijkt” weergeeft, verdient het beschouwen net zo veel aandacht als het beschouwde. En net als met liegen, is het wel zaak dat de priester, de kunstenaar, de modekoning, etc met een overtuigend “zeewaardig” verhaal komt. Als het geschikt is voor geloof, kunnen we er wat mee.

Mailly le Camp, 14 februari 2019